11 September en het Amerikaanse beleid
of als het wordt bijgewerkt geef dan je e-mailadres in.
Professor David Ray Griffin gaat in op het officiële onderzoek en stelt vragen bij de aannames die worden gesteld. Dit is de nederlandstalige vertaling van zijn paper dat ook op deze site te vinden is.
Hoe zouden gelovige mensen moeten reageren?
Om te beginnen zal ik iets zeggen over de sleutelbegrippen in de titel van deze speech: ’11 september’, ‘Amerikaans imperialisme’ en ‘gelovigen’, waarbij ik begin met het laatste.
Gelovigen.
Hoewel ik een christelijk theoloog ben, richt ik mij met deze toespraak tot de gelovigen in het algemeen. Aangezien alle godsdiensten een aantal morele principes delen, ga ik er namelijk vanuit dat die allemaal op een bepaalde manier op 11 september en het Amerikaanse imperialisme zouden moeten reageren. 1) Ik denk dan aan geboden als: gij zult niet de olie van uw buurman begeren; gij zult uw buren niet doden om hun olie te stelen; gij zult geen valse getuigenis tegen uw buren afleggen, dat wil zeggen niet beweren dat ze illegaal massavernietigingswapens bezitten, als rechtvaardiging om hen te doden en hun olie in te pikken. Deze geboden worden uiteraard geassocieerd met de godsdiensten die teruggaan op Abraham — het jodendom, het christendom en de islam — maar ze zijn ook terug te vinden in andere religies. Ik zal nu ingaan op het begrip ‘Amerikaans imperialisme’, een begrip waarover veel onenigheid bestaat.
Amerikaans imperialisme: uiteenlopende visies
Zoals Andrew Bacevich in zijn boek American Empire van 2000 opmerkte ‘zijn de Amerikanen er altijd prat op gegaan dat de Verenigde Staten niet imperialistisch zijn, noch kunnen zijn.’ 2) Het begrip ‘Amerikaans imperialisme’, zo vervolgde hij, was een contradictio in terminis, en als iemand het hanteerde kon je er haast op vergif op innemen dat je met een linkse tegenstander van de Amerikaanse buitenlandse politiek te maken had. Bacevich wees er evenwel ook dat dit de laatste tijd is veranderd: ook rechtse commentatoren maken nu openlijk gewag van Amerikaans imperialisme. ‘Mensen komen uit de kast met het woord “imperialisme”’ 3), aldus de columnist Charles Krauthammer in 2002. Dat deze nieuwe eerlijkheid niet zelden met een zekere trots gepaard gaat, blijkt uit zijn opmerking dat Amerika ‘niet zomaar een wereldburger’ is, maar ‘de dominante macht in de wereld, dominanter dan enige mogendheid sinds Rome.’ 4)
Aangezien iedereen het erover eens is dat Amerika imperialistisch is, staat alleen de aard ervan nog ter discussie. Conservatieven die het Amerikaanse streven naar werelmacht erkennen, definiëren die macht over het algemeen als heilzaam. Robert Kagan schreef over ‘De welwillende wereldmacht’. 5) Dinesh D’Souza liet op zijn constatering in 2002, dat ‘Amerika imperialistisch is geworden’ volgen dat het land gelukkig ‘de meest onbaatzuchtige wereldmacht ooit’ is. 6) Volgens Krauthammer is het feit dat Amerika zich als een welwillende mogendheid afficheert ‘niet louter op de borst klopperij’, maar wordt het bewezen door ‘alle ervaringen uit het verleden’. 7)
Linkse commentatoren denken daar heel anders over. Een recent boek van Noam Chomski draagt als ondertitel: ‘Het Amerikaanse streven naar wereldheerschappij’. 8) Richard Falk omschreef het hoofddoel van de regering-Bush als ‘wereldwijde dominantie’, die het gevaar van ‘wereldwijd fascisme’ 9) in zich draagt. Als conservatief geloofde Chalmers Johnson nog dat de Amerikaanse buitenlandse politiek vrijheid en democratie diende te bevorderen. Inmiddels beschouwt hij de VS als ‘een militaire moloch die uit is op de wereldheerschappij’. 10)
Ook Andrew Bacevich is een conservatief die recentelijk van mening is veranderd. In tegenstelling tot Johnson is hij echter niet naar links opgeschoven, maar heeft hij het Amerikaanse imperialisme omarmd. 11) Hij steekt nu de draak met de claim dat ‘de Amerikaanse diplomatie in het teken staat van het bevorderen van vrede, democratie en mensenrechten, en het straffen van de slechterikken — en niet van het eigenbelang’. 12) Bij zijn stelling dat de Amerikaanse strijdkrachten ‘een vrijwel volledige almacht willen bereiken’, maakt hij het idee belachelijk dat die macht in Amerikaanse handen ‘per definitie welwillend is’. 13)
11 september: Vier interpretaties
Is het begrip ‘Amerikaans imperialisme’ voor meerdere uitleg vatbaar, voor de term ‘9/11’ geldt dat nog sterker.
De Amerikanen die de officiële lezing geloven, beschouwen 11 september als een verrassingsaanval op de Amerikaanse regering en bevolking door islamitische terroristen.
Andere Amerikanen hebben een meer complexe kijk op ‘9/11’. Hoewel ook zij de officiële uitleg accepteren, zien ze de aanslagen toch vooral in het licht van de reactie erop. In hun ogen heeft de regering-Bush de aanval dankbaar aangegrepen om de Amerikaanse positie in de wereld te versterken. Deze opvatting wordt overtuigend verwoord door schrijvers als Noam Chomsky, Rahul Mahajan en Chalmers Johnson. 14)
Voor een derde groep Amerikanen staat de term ‘9/11’ voor een gebeurtenis met een meer sinister karakter. Zij menen dat de regering Bush van te voren van de aanslagen wist en die opzettelijk liet gebeuren. Hoeveel Amerikanen deze mening zijn toegedaan, is onbekend. Maar uit een opiniepeiling van Zogby bleek verbazingwekkend genoeg dat zowat de helft van de inwoners van New York City dit gelooft. 15)
Volgens een vierde groep ten slotte was de regering- Bush niet alleen van te voren op de hoogte van de aanslagen, maar heeft ze die ook zelf georkestreerd. Ook deze mening is nog geen onderwerp van een landelijke opiniepleiling geweest, maar peilingen in Canada en Duitsland van een tijd geleden leren dat vijftien tot twintig procent van de bevolking aldaar deze verdenking koestert. 16)
11/9 en het Amerikaanse imperialisme
Gelovigen die de morele geboden van hun godsdienst serieus nemen, zullen anders over het Amerikaanse imperialisme denken, afhankelijk van de vraag welke van de vier interpretaties van 11 september ze aanhangen.
Als ze de officiële lezing geloven, die zegt dat Amerika het onschuldige slachtoffer is van kwaadaardige terroristen, dan kunnen ze de zogeheten oorlog tegen het terrorisme gemakkelijk als een gerechtvaardigde oorlog zien. In zijn boek Just War Against Terror 17) huldigt Jean Bethke Elshtain, hoogleraar ethiek aan de theologische faculteit van de Universiteit van Chicago, dit standpunt. Zo bezien heeft de ‘oorlog tegen het terrorisme’ niets met imperialisme te maken. Het is gewoon een oorlog om te wereld te bevrijden van abjecte terroristen. 18)
De tweede interpretatie van 11 september, volgens welke Bush en de zijnen de aanslagen cynisch aangrepen voor het realiseren van hun imperialistische plannen, heeft geheel andere implicaties. Ook de aanhangers van deze visie geloven weliswaar dat de aanslagen geheel en al door buitenlandse vijanden van Amerika werden beraamd en uigevoerd, maar ze vatten die toch vooral op als een reactie op onrechtvaardigheden van het Amerikaanse imperialisme. Typisch voor deze groep is dat ze het antwoord op 11 september, dat reeds tot honderdduizenden doden heeft geleid, als veel erger beschouwen dan de aanslagen zelf. Degenen die de morele principes van hun religie serieus nemen en deze opvatting zijn toegedaan, moeten zich aaneensluiten om een andere Amerikaanse buitenlandse politiek te eisen.
Een nog verdergaande reactie zou je normaal gesproken verwachten van de aanhangers van de derde interpretatie. Die houdt immers in dat de regering-Bush expres en koelbloedig duizenden Amerikaanse burgers heeft laten doden om een excuus te hebben voor haar imperialistische acties, acties die nog eens honderdduizenden levens in andere landen hebben gekost. En als toppunt van hypocrisie wierp ze zich daarbij op als de verdediger van ‘de cultuur van het leven’. Wie deze mening koestert, weet natuurlijk allang dat de officiële retoriek over de ‘heiligheid van het leven’ een flinke dosis schijnheiligheid bevat. Toch zouden de meeste Amerikanen, als zou blijken dat hun regering moedwillig eigen burgers heeft laten doden, dat zien als verraad van een geheel andere orde. Want het zou betekenen dat hun politieke leiders de eed dat ze hun eigen burgers zullen beschermen, hebben gebroken.
Van een zo mogelijk nog ergere vorm van verraad zou sprake zijn als de vierde interpretatie klopte. Voor veel Amerikanen is het idee dat ze in een land leven waarvan de leiders de aanslagen van 11 september zelf hebben gepland en uitgevoerd, eenvoudig te verschrikkelijk om te kunnen geloven. Helaas echter zijn er sterke bewijzen voor deze visie. En als we die overtuigend vinden, dan heeft dat radicale implicaties voor het verzet tegen de opbouw van de Amerikaans wereldmacht.
Zoals Bacevich benadrukt is de enige vraag in het debat over het Amerikaanse imperialisme nog of het welwillend is. De gang van zaken rond 11 september is voor dit debat relevant omdat je moeilijk van welwillendheid kunt spreken als de derde of vierde visie op de gebeurtenissen juist zou zijn.
Ik zal nu ingaan op enkele van de feiten die deze visies onderbouwen. Ik begin met het bewijs voor (ten minste) de derde interpretatie, volgens welke Amerikaanse overheidsfunctionarissen van te voren van de aanslagen wisten.
Bewijzen van voorkennis van Amerikaanse autoriteiten
Een van de centrale elementen in het officiële verhaal over de aanslagen in New York en Washington is dat ze geheel door Al-Qaeda werden gepland, zonder dat iemand anders ervan wist. Een jaar na 9/11 verklaarde FBI-directeur 19) Sindsdien hebben federale overheidsdienaren moeten erkennen dat ze veel meer waarschuwingen voor 11/9 hadden gekregen dan eerder was toegegeven. Maar dat mag dan de vraag oproepen waarom er geen extra veiligheidmaatregelen werden getroffen, het bewijst nog niet ze specifieke voorkennis over de aanslagen hadden. Net als de ‘commissie 9/11’ kun je blijven geloven dat de inlichtingen waarover de Amerikaans geheime diensten beschikten, ‘geen enkele informatie bevatten over de tijd, plaats en specifieke aard van de aanslagen die voor 11 september 2001 werden gepland'. 20)
Maar helaas voor de officiële lezing zijn er wel degelijk berichten die erop wijzen dat federale autoriteiten dit soort specifieke informatie hadden. Ik zal twee voorbeelden geven.
Het eerste voorbeeld betreft David Schippers. Als advocaat van de Republikeinen pleitte Schippers in de commissie Justitie van het Huis van Afgevaardigden voor de impeachment van president Clinton. Twee dagen na 9/11 verklaarde hij dat hij zes weken eerder was gewaarschuwd door FBI-agenten, die niet alleen de datum, maar ook de doelwitten van de aanslagen hadden genoemd. De agenten waren naar zijn zeggen naar hem toegekomen omdat het hoofdbureau van de FBI hun onderzoek had geblokkeerd en met vervolging had gedreigd als ze hun informatie openbaar zouden maken. Ze vroegen of Schippers zijn invloed in regeringskringen niet kon aanwenden om de aanslagen te voorkomen. Maar ondanks het hoge aanzien dat hij sinds de impeachmentprocedure onder Republikeinen genoot, werden zijn telefoontjes naar minister van Justitie Ashcroft niet beantwoord. 21)
Schippers verhaal over de FBI-agenten werd bevestigd door een artikel van William Norman Grigg, dat onder de kop ‘Wisten we wat er stond te gebeuren? verscheen in The New American, een uiterst conservatief tijdschrift. In een interview met Grigg zouden de drie FBI-agenten hebben verteld ‘dat de informatie die ze aan Schippers hadden doorgegeven al voor 11 september bij velen binnen de FBI bekend was.’ 22)
Als Schippers, Grigg en deze drie agenten de waarheid spreken, dan kan FBI-directeur Müller, die zei dat er in eigen land niemand was gevonden die op voorhand van de samenzwering wist, dat niet doet.
Het tweede voorbeeld betreft de put opties: het feit dat er in de drie dagen voor 9/11 uitzonderlijk veel put opties werden gekocht, zou erop wijzen dat de regering over voorkennis beschikte. Wie put opties op aandelen van een bedrijf koopt, denkt dat de koers ervan zal dalen. Bij deze aankopen ging het uitsluitend en alleen om de luchtvaartmaatschappijen United en American Airlines, waarvan de vliegtuigen bij de aanslagen gebruikt werden, en om Morgan Stanley Dean Witter, de firma die 22 verdiepingen van het WTC bezette. Uiteraard kelderde de koers van de aandelen na 9/11. Zoals de San Francisco Chronicle opmerkte wekken de ongebruikelijke aankopen, die tientallen miljoenen dollars winst opleverden, ‘de verdenking dat de investeerders […] voorkennis van de aanslagen hadden’. 23)
Voor mijn betoog vooral belangrijk is dat de Amerikaanse inlichtingendiensten de ontwikkelingen op de beurs beschouwen als een informatiebron voor zaken die staan te gebeuren. 24) Uit de uitzonderlijke aankopen hadden ze dus kunnen opmaken dat toestellen van United en American de dagen daarop bij de aanslagen op het World Trade Center gebruikt zouden worden. Dat is behoorlijk specifieke informatie.
Deze twee voorbeelden botsen met de conclusie van de onderzoekscommissie, dat de inlichtingen van de Amerikaanse geheime diensten ‘geen enkele informatie bevatten over de tijd, plaats en specifieke aard van de aanslagen'. En als we Grigg mogen geloven, dan heeft een van de FBI-agenten inderdaad tegen hem gezegd: ‘Mensen moeten het geweten hebben. […] Het is een vreselijke gedachte, maar het kan niet anders dan dat men dit heeft laten gebeuren, als onderdeel van een andere agenda.’ 25)
Hij had gelijk. Dat zou vreselijk zijn. Het ziet er evenwel naar uit dat de volledige waarheid nog erger is — dat enkele Amerikaanse overheidsfunctionarissen op voorhand van de aanslagen wisten omdat ze die hadden beraamd.
Aanwijzingen dat de aanslagen door Amerikaanse overheidsdienaren werden beraamd en uitgevoerd
Het bewijs voor de vierde interpretatie betreft vooral de kenmerken van de aanslagen, in combinatie met het gedrag van Amerikaanse functionarissen, dat niet te verklaren valt als 9/11 volledig het werk zou zijn geweest van buitenlandse figuren. Ik zal hier vier voorbeelden van geven.
De eerste aanwijzing voor medeplichtigheid is dat de strijdkrachten de aanslagen op de Twin Towers en het Pentagon niet hebben weten te voorkomen en daar bovendien tegenstrijdige verklaringen voor gaven. Dat ze aldoor met een ander verhaal kwamen, duidt erop dat ze wilden verdoezelen dat er op 9/11 een ‘order tot niet ingrijpen’ werd gegeven, waarmee de standaardprocedure ten aanzien van mogelijk gekaapte vliegtuigen ongedaan werd gemaakt.
Niet te ontkennen valt dat een of andere dienst — hetzij de krijgsmacht hetzij de FAA (Federale Dienst voor de Luchtvaart) — op 9/11 de standaardprocedure niet heeft gevolgd.
Normaal gesproken moet de FAA een militaire instantie bellen zodra het vermoeden bestaat van een vliegtuigkaping. Vervolgens belt die de dichtstbijzijnde basis waar gevechtstoestellen klaar staan, met de opdracht het vliegtuig te onderscheppen. Tussen het eerste signaal dat er problemen zijn en het onderscheppen van het vliegtuig liggen doorgaans tien tot twintig minuten. Het is een routineprocedure die zo’n honderd keer per jaar wordt uitgevoerd. 26) (Een van de vele leugens in het recente essay in Popular Mechanics, dat wil afrekenen met de kritici van de officiële lezing, is dat er in de tien jaar voor 9/11 niet meer dan één vliegtuig op deze manier is onderschept: de Learjet van de golfspeler Payne Steward. 27) Maar gezien het feit dat dit jaarlijks zo’n honderd keer gebeurt, zal het werkelijke aantal onderscheppingen in die periode dichter bij de duizend liggen.) Op 11 september echter is er geen vliegtuig onderschept.
Waarom niet? Militaire woordvoerders verklaarden aanvankelijk dat er pas gevechtstoestellen de lucht waren ingestuurd nadat het Pentagon was geraakt. Ze gaven dus toe dat het bevel pas was gegeven een kleine anderhalf uur nadat de FAA de eerste signalen van een kaping had binnengekregen. Dit verhaal deed bij velen het vermoeden rijzen dat er sprake was geweest van een order tot niet ingrijpen. 28)
Aan het eind van die week kwam de krijgsmacht met een ander verhaal. Ditmaal luidde de verklaring dat er wel gevechtstoestellen waren gestuurd, maar dat die allemaal te laat waren gekomen doordat de FAA de kapingen pas zeer laat had gemeld. Een van de zwakke punten in dit verhaal was, dat als het personeel van de luchtvaartdienst werkelijk zo traag gereageerd had, er koppen waren gerold, en dat was niet het geval. Bovendien was het zo dat zelfs als de FAA zo lang had gewacht, de luchtmacht nog genoeg tijd had gehad voor het onderscheppen van de gekaapte toestellen voordat die zich in de doelwitten boorden. 29) Uit dit verhaal kon derhalve worden opgemaakt dat de FAA noch de krijgsmacht de standaardprocedure had gevolgd.
In een poging de strijdkrachten tegen deze beschuldiging te beschermen kwam de ‘commissie 9/11’ tot veler verbazing met een derde versie. Ditmaal zou de waarschuwing van de FAA met betrekking tot het eerste gekaapte toestel aan de militaire instantie te zwak zijn geweest, en zouden de andere drie pas zijn gemeld nadat het kwaad was geschied. Zoals ik mijn boek The 9/11 Report: Omissions and Distortions heb betoogd, is deze verklaring volstrekt ongeloofwaardig. Niet alleen worden de medewerkers van de FAA, van hoog tot laag, als incompetente uilskuikens voorgesteld, maar het verhaal berust ook op beweringen die in strijd zijn met tal van geloofwaardige en onderling consistente getuigenissen. Een aantal daarvan toont overduidelijk aan dat de commissie domweg heeft gelogen. 30)
Daar komt nog bij dat de derde verklaring laat zien dat de militairen het tweede verhaal, dat ons zowat drie jaar lang is voorgehouden, vrijwel geheel uit hun duim hebben gezogen. Als onze topmilitairen ons zo lang hebben voorgelogen, waarom zouden we hen dan nu geloven? En als ze liegen, moeten we dan niet aannemen dat ze dat doen om hun eigen schuld te verbloemen?
Als je alles in ogenschouw neemt — het optreden van de krijgsmacht zowel op 11 september als daarna, en het feit dat de onderzoekscommissie leugens moest verkopen om haar schuld te verdoezelen — ontkom je niet aan de indruk dat militaire kopstukken medeplichtig waren aan de aanslagen. En die indruk wordt bevestigd door onderzoek naar de aanslag op het Pentagon.
De aanslag op het Pentagon: Een van de discussies over deze aanslag betreft de vraag of het Pentagon werd geraakt door vlucht 77 van American Airlines, zoals de officiële lezing wil, of door een militair toestel. Maar in beide gevallen moet het, in elk geval ten dele, zijn gegaan om een inside job.
Als we aannemen dat vlucht 77 zich in het Pentagon boorde, moeten we ons afvragen hoe dat heeft kunnen gebeuren. Het Pentagon is ongetwijfeld het best verdedigde gebouw op aarde, om drie redenen. Ten eerste ligt het op luttele kilometers van Andrews Air Force Base, waar op zijn minst drie eskaders permanent jagers paraat houden ter verdediging van de hoofdstad van het land. Voor alle duidelijkheid: volgens de officiële verklaring stonden er op 11 september geen jagers op Andrews klaar. Ook dat heb ik in mijn kritiek op het rapport van de onderzoekscommisie als volkomen ongeloofwaardig afgedaan. 31)
In de tweede plaats beschikken de Amerikaanse strijdkrachten over het beste radarsysteem ter wereld. Gepocht wordt dat een van die systemen ‘niets mist van wat er in het Noord-Amerikaanse luchtruim gebeurt’. Het kan ook een heleboel doelwitten tegelijkertijd volgen, nodig voor een eventuele grootscheepse raketaanval. 32) Gezien deze capaciteit is de officiële lezing, dat vlucht 77 veertig minuten lang onopgemerkt richting het Pentagon vloog, absurd, en al helemaal omdat het Pentagon toen al wist dat het land werd aangevallen. Een vliegtuig dat het gebouw zonder toestemming naderde, zou al ver voordat het in de buurt kwam gezien en onderschept zijn.
Ten derde wordt het hele Pentagon omringd door anti-raketraketten. Die zijn zodanig geprogrammeerd dat alle vliegtuigen zonder militaire zender aan boord die het luchtruim boven het Pentagon binnendringen, worden neergehaald. 33) Als vlucht 77 door stom geluk tot boven het Pentagon was gekomen, dan was het beslist neergeschoten, behalve als mensen in het gebouw het luchtafweersysteem hadden uitgeschakeld.
Dus zelfs als we geloven dat de door een Al-Qaedapiloot bestuurde vlucht 77 zich in het Pentagon boorde, zoals de officiële lezing wil, dan nog moeten we concluderen dat die aanslag alleen kon slagen omdat het Pentagon dat wilde.
Er zijn nog veel meer redenen om de officiële uitleg te verwerpen. Als eerste kan de vermeende piloot, Hani Hanjour, het traject dat vlucht 77 zou hebben afgelegd, nooit hebben gevlogen omdat hij daar de vaardigheden voor miste. Ten tweede boorde het toestel zich in de westwing van het Pentagon, dat om allerlei redenen het minst waarschijnlijke doelwit van terroristen was: het vereiste een bijzonder ingewikkelde manoeuvre; de vleugel werd gerenoveerd, zodat er maar heel weinig mensen werkten, onder wie ook nog veel burgers die zich met de renovatie bezig hielden; onderdeel van die renovatie was een versterking, waardoor de aanslag op de westwing veel minder schade veroorzaakte dan een aanslag op andere delen van Pentagon zou hebben gedaan; en Rumsfeld en de rest van de defensietop, die terroristen zeker hadden willen doden, bevonden zich in de east wing, helemaal aan de andere kant van het gebouw.
Ten derde was de eerste schade aan de westwing veel te klein om veroorzaakt te kunnen zijn door Boeing 757, en ten vierde is de aanwezigheid van restanten van zo’n toestel, door middel van foto’s en ooggetuigen die snel na de aanslag ter plekke waren, niet ondubbelzinnig aangetoond. Ten vijfde wijst het feit dat het vliegtuig niet door de luchtafweer van het Pentagon werd neergeschoten erop dat het om een militair toestel ging. En ten slotte werden de video’s die konden aantonen dat het echt om een Boeing 757 ging, meteen na de aanslag door FBI in beslag gekomen, en sindsdien hebben de autoriteiten ze niet openbaar willen maken. 34)
Met andere woorden, of we nu al dan niet geloven dat het Pentagon door vlucht 77 werd geraakt, de feiten wijzen erop dat het in ieder geval gedeeltelijk om een inside job ging.
Het instorten van het WTC: Over het instorten van het World Trade Center kan hetzelfde worden gezegd. Waarom? Omdat de Twin Towers en Gebouw 7 op zo’n manier in elkaar stortten dat er honderden explosieven door de gebouwen heen moeten zijn geplaatst. En dat buitenlandse terroristen zoveel toegang tot het WTC hadden dat ze al die explosieven konden plaatsen, is uitgesloten.
Een van de redenen voor de conclusie dat de drie gebouwen werden opgeblazen, is het simpele feit dat ze in elkaar zakten. Wolkenkrabbers met een stalen geraamte zijn nog nooit — voor of na 11 september — ingestort door brand. Zo woedden er in een gebouw in Philadelphia in 1991 en in een gebouw in Madrid in februari 2005 veel grotere, hetere en langduriger branden dan in de Twin Towers en Gebouw 7 en toch bleven ze staan.
Ook de manier waarop de wolkenkrabbers in elkaar stortten, wijst om meerdere redenen op explosieven. Ten eerste zakten ze rechtstandig in elkaar, bijna in een vrije val, zoals dat gebeurt bij gecontroleerde opblazingen, en vervolgens bleef het puin nog maandenlang nasmeulen. Ten tweede geldt vooral voor de Twin Towers dat veel van degenen die zich in de gebouwen bevonden, vertelden dat ze explosies hadden gehoord of gevoeld. Ten derde verpulverde het beton van de enorme bouwwerken grotendeels tot fijn stof (gooi een stuk beton van grote hoogte naar beneden, en het valt in stukjes uiteen, niet in fijne stofdeeltjes). Ten vierde vloog een hoop van dat stof samen met stukken staal en aluminium horizontaal meters in de rondte. Ten vijfde kwamen de stalen balken en pilaren veelal in stukken van ongeveer een meter naar beneden, precies de geschikte lengte om ze op vrachtwagens te laden. En ten zesde werden er onder het puin plassen gesmolten staal gevonden. Dit alles en nog veel meer wijst erop dat dat er bijzonder krachtige en strategisch geplaatste explosieven waren aangebracht. 35)
Deze theorie wordt verder onderbouw doordat de sporen welbewust zijn uitgewist. Als de stalen balken en pilaren het werkelijk door de kracht van explosies hebben begeven, dan had onderzoek van het staal dat kunnen bewijzen. Maar ondanks het verbod op het verwijderen van bewijzen van de plaats van de misdaad, werd het staal snel op vrachtwagens geladen en naar Azië verscheept. 36)
Ik zal nog één aanwijzing voor een cover-up noemen. Voorzover er een officiële theorie is over de vraag waarom de gebouwen instortten, gaat het om de ‘doorzak’-theorie. Volgens deze theorie stortten de verdiepingen waarin de vliegtuigen zich hadden geboord, op de lagere verdieping, en dat bracht een kettingreactie op gang. Deze verklaring gaat onder andere voorbij aan het feit dat de wolkenkrabbers in elkaar zakten alsof zowat alle weerstand was verdwenen. Maar zelfs als de doorzaktheorie in andere opzichten plausibel zou zijn, dan nog verklaart ze niet wat er met de 47 massieve stalen pilaren gebeurde waardoor ieder gebouw werd gedragen. Ze hadden meters de lucht in moeten steken, net als de spindel van een oude grammofoon waarop de platen werden gelegd. De onderzoekscommissie heeft dit probleem ongelooflijk genoeg omzeild door het bestaan van deze pilaren simpelweg te ontkennen. Na de onjuiste opmerking dat de wolkenkrabbers werden gedragen door de stalen pilaren in de buitenmuren, schreef ze in haar als gezaghebbend geldende rapport: ‘De innerlijke kern van de gebouwen was een holle stalen schacht, waarin zich de liften en trappenhuizen bevonden.’ 37) Bij zo’n vertwijfelde leugen kun je ervan op aan dat er iets verborgen moet worden.
Hoe dan ook, als we de hele manier waarop de wolkenkrabbers instortten bekijken, dan is het idee dat ze bezweken door de kracht van een vliegtuig en brand, belachelijk. In het geval van Gebouw 7, dat niet door een vliegtuig werd geraakt, is dat nog duidelijker. Het instorten daarvan is zo onverklaarbaar, behalve door een gecontroleerde opblazing, dat de commissie het in haar rapport niet eens noemt — alsof het de gewoonste zaak van de wereld is dat een hoog gebouw met een stalen geraamte plotseling instort alleen door brand (hetgeen des te opmerkelijker zou zijn doordat de brand slechts op een paar verdiepingen van het gebouw woedde). 38)
Net als de aanslag op het Pentagon en het feit dat de strijdkrachten geen van de aanslagen hebben voorkomen en met telkens andere verhalen kwamen, kan het inzakken van het WTC en de cover-up slechts tot één conclusie leiden: de aanslagen moeten door onze eigen politieke en militaire kopstukken zijn beraamd en uitgevoerd.
Dezelfde conclusie dringt zich op als je ziet hoe de de agenten van de geheime dienst die ochtend optraden jegens de president.
Het optreden van de geheime dienst.
Zoals iedereen weet die Fahrenheit 9/11 van Michael Moore heeft gezien, was president Bush op een basisschool in Florida toen hij hoorde van de tweede aanslag op de Twin Towers. Dat bericht liet er geen misverstand meer over bestaan dat het land het doelwit was een terroristische aanslag. En toch bleef de president gewoon zitten. Menigeen heeft zich afgevraagd waarom hij niet terstond in actie kwam. Per slot van rekening is hij opperbevelhebber van de strijdkrachten.
De echte vraag, die Michael Moore slechts terloops stelt, is echter waarom de geheime dienst hem niet onmiddellijk vanuit de school naar een veilige plek bracht. Alle media hadden bericht dat Bush een bezoek aan de school in Florida zou brengen. En als de aanslagen geheel het werk van buitenlandse terroristen waren en dus als een complete verrassing kwamen, dan wisten de geheim agenten niet hoeveel vliegtuigen er waren gekaapt. Ze zouden hebben aangenomen dat ook de president een mogelijk doelwit was, en er zich op elk moment een vliegtuig op de school kon storten. Desondanks lieten de agenten, die getraind zijn om in zulke situaties acuut in te grijpen, Bush nog tien minuten lang in het lokaal zitten. Daarna lieten ze hem ook nog de geplande tv-toespraak houden, met alle gevaren van dien. Dit is alleen te begrijpen als het hoofd van de geheime dienst wist dat de aanslagen niet ook een aanslag op de president omvatten. En hoe kon hij daar zo zeker van zijn, tenzij de aanslagen werden uitgevoerd door mensen van zijn eigen regering?
Hoewel er nog tal van andere voorbeelden zijn te geven, volstaan deze vier voor de angstaanjagende conclusie dat 9/11 werd georkesteerd door leden van de regering Bush en mensen uit het Pentagon. Hun motieven worden in elk geval deels duidelijk uit de wijze waarop ze 11 september hebben gebruikt: om de macht van Amerika in de wereld te vergroten. Dat leden van de regering-Bush de aanslagen in dit licht zagen, blijkt uit het feit dat ze meteen erna meermaals verklaarden dat die ook een kans boden, een kans ‘om de wereld te veranderen’ 39), om met Rumsfeld te spreken. Als je dit verband tussen 9/11 en de Amerikaanse imperialistische ambities ziet, dan wordt het gemakkelijker om de vreselijke waarheid omtrent dit streven onder ogen te zien.
Erkenning van de volledige waarheid omtrent het Amerikaanse imperialisme.
Zoals Chomsky, Falk en Chalmers Johnson illustreren, hoef je niet te geloven dat Bush en de zijnen achter 11 september zaten om het Amerikaanse imperialisme als allesbehalve welwillend te beschouwen. Die conclusie kun je ook trekken uit documenten die voor iedereen beschikbaar zijn.
Een van die documenten werd in september 2002 gepubliceerd door de regering-Bush onder de titel National Security Strategy of the United States of America. Zoals David North terecht opmerkt wordt daarin ‘het recht op de inzet van militaire middelen […] tegen elk land dat een bedreiging vormt of mogelijk gaat vormen voor de belangen van de VS als een politieke richtlijn geponeerd’. North voegt eraan toe dat ‘geen land in de moderne geschiedenis zo ver is gegaan bij opeisen van […] de wereldheerschappij’. 40)
Een vergelijkbaar document, Vision for 2020 getiteld, werd in februari 1997 door het US Space Command (Ruimtecommando van de VS) gepubliceerd. De missie van dit commando komt naar voren uit het opschrift: ‘Het ruimtecommando van de VS — beheersing van de ruimte voor militaire operaties ter bescherming van de Amerikaanse belangen en investeringen.’ 41) Democratie en mensenrechten komen in dit document niet voor. In plaats daarvan wordt met verbazingwekkende eerlijkheid gestelt: ‘Als gevolg van de mondialisering van de wereldeconomie […] neemt de kloof tussen de “haves’ en “have-nots” toe.’ Daarmee wordt bedoeld dat met de toenemende overheersing van de wereldeconomie door de VS en hun bondgenoten, de armen in de wereld nog armer worden, en de laatsten de VS gaandeweg des te meer zullen gaan haten. Het land moet derhalve de macht ontwikkelen om hen in het gareel te houden.
Met het oog daarop is het van het grootste belang dat de VS, aldus het document, ‘het hele spectrum domineren’, hetgeen vereist dat ‘de superioriteit in de ruimte [samengaat] met de superioriteit ter land, ter zee en in de lucht’. De beheersing van de ruimte houdt ook de macht in ‘anderen het gebruik van de ruimte te ontzeggen’, zo wordt er eerlijk bij verteld.
Als het Ruimtecommando ter sprake komt plegen het Pentagon en het Witte Huis enkel van een ‘rakettenschild’ te reppen. Dat klinkt alsof het om een zuiver defensieve opdracht gaat, maar het doel strekt verder. Volgens een meer recent document moeten Amerikaanse wapensystemen in de ruimte leiden tot een ‘snelle aanvalscapaciteit, zowel nucleair als niet-nucleair, waarmee de VS snel en nauwkeurig […] doelwitten […] op grote afstand kunnen raken.’ 42) De agressieve bedoeling van het ruimtecommando klinkt ook door in het logo van een van zijn divisies: ‘In Your Face from Outer Space.’ 43)
Wie de daden van de regering en krijgsmacht van de VS in het licht van deze en andere documenten bekijkt, kan nog moeilijk geloven dat zij de wereld werkelijk willen beheersen om die democratischer en leefbaarder te maken. Maar dat dit doel wordt nagejaagd met een fanatisme dat op totaal geperverteerde waarden berust, kunnen we alleen ten volle begrijpen als we ons realiseren dat de terreuraanslagen op 11 september door onze eigen leiders werden georkestreerd — om de rechtvaardiging, angst en het geld te krijgen voor de ‘oorlog tegen het terrorisme’, die weer het voorwendsel vormde voor de uitbreiding van de wereldmacht.
Ter illustratie van dit punt wijs ik op een van de meest schaamteloze voorbeelden van hoe 11/9 werd gebruikt om geld te krijgen. Kort voor het aantreden van president Bush kwam de organisatie Project for the New American Century 44), die mede door Dick Cheney, Paul Wolfowitz en Donald Rumsfeld werd opgericht, met het document Rebuilding America’s Defenses. De centrale vraag daarin was hoe er meer geld kon worden uitgetrokken voor de technologische transformatie van de Amerikaanse krijgsmacht, en vooral voor de technologie waarmee het Ruimtecommando de bewapening en daarmee de beheersing van de ruimte wilde realiseren. Aangezien dit alles bijzonder kostbaar zou zijn, voorspelde de auteur van het stuk een traag verloop van het project — tenzij Amerika het slachtoffer werd van ‘een catastrofale en kataliserende gebeurtenis — zoiets als een nieuw Pearl Harbor.’ 45) Interessant genoeg zou president Bush op de avond van 9/11 in zijn dagboek hebben geschreven: ‘Vandaag vond het Pearl Harbor van de 21e eeuw plaats.’ 46)
In elk geval wist defensieminister Rumsfeld eerder die avond precies wat hem te doen stond. Je zou verwachten dat hij in de war was omdat het Pentagon, met hem aan het hoofd, zojuist was getroffen door een ongehoorde aanslag. Maar onder verwijzing naar de aanslagen eiste hij meteen meer geld voor het Ruimtecommando. Voor de tv-camera’s gaf hij de toenmalige voorzitter van de senaatscommissie voor de strijdkrachten ervan langs: ‘Senator Levin, u en andere democraten in het Congres hebben de angst uitgesproken dat het geld ontbreekt voor de drastische verhoging van de defensieuitgaven die het Pentagon wil, met name voor het ruimteschild. […] Overtuigt een gebeurtenis als deze u van de noodzaak dat dit land zijn defensieuitgaven verhoogt?’
De strategie werkte. Het Congres stemde terstond in met veertig miljard extra voor het Pentagon. Sindsdien zijn alle presidentiële voorstellen tot verhoging van de uitgaven voor de ‘oorlog tegen het terrorisme’ aangenomen. 47)
Behalve dat 9/11 met succes werd gebruikt voor de verhoging van de defensieuitgaven, vormden de aanslagen ook een voorwendsel voor de bouw van ettelijke militaire bases in Centraal-Azië. In 1997 had Zbigniew Brzezinski in zijn boek The Grand Chessboard zulke bases cruciaal genoemd voor het handhaven van ‘het primaat van de VS’, deels vanwege de enorme olievoorraden rond de Kaspische Zee. Het is niet ondenkbaar dat het Project for the New American Century het idee voor een nieuw Pearl Harbor aan dat boek heeft ontleend. Brzezinski memoreerde namelijk dat de meeste Amerikanen zich pas achter deelname van hun land aan de Tweede Wereldoorlog hadden geschaard na het schokeffect van de Japanse aanval op Pearl Harbor. 48) En zo zou het publiek nu de vereiste militaire operaties in Centraal-Azië enkel en alleen steunen ‘ingeval van een echt grootscheepse en direct geachte externe dreiging’. 49) Dat bleek een juiste inschatting: dankzij 9/11 kon de regering-Bush Afghanistan aanvallen — een aanval die naar we nu weten al maanden voor 11 september was gepland. 50) Inmiddels heeft het Witte Huis een bevriende regering in Afghanistan en het Pentagon militaire bases in dat land en diverse andere Centraal-Aziatische landen.
We weten ook dat het idee omtrent de invasie van Irak ver voor 9/11 opkwam, en dat het niet werd ingegeven door afschuw van de dictator Saddam, maar door imperialistische motieven. 51) ‘Terwijl het onopgeloste conflict met Irak een directe rechtvaardiging vormt, staat de noodzaak van een substantiële Amerikaanse troepenmacht in de Golf los van de kwestie van het regime van Saddam Hussein’ 52), aldus een document van het Project for the New American Century uit 2000. Vandaag de dag wil de Amerikaanse krijgsmacht meerdere permanente bases bouwen in Irak, waar zich de op een na grootste olievoorraad ter wereld bevindt. Dankzij het feit dat Bush en de zijnen de meerderheid van de Amerikanen ervan konden overtuigen dat Saddam connecties had met Osama bin Laden of zelfs direct verantwoordelijk was voor de aanslagen, kon 9/11 ook hier als voorwendsel dienen.
Kennis van het echte verband tussen 9/11 en het project voor wereldwijde dominantie draagt bij, zo stelde ik eerder, tot het inzicht dat dit project getuigt ‘van een fanatisme dat berust op volkomen geperverteerde waarden’. Dat waardenstelsel staat diametriaal tegenover de centrale waarden van alle grote godsdiensten en andere morele tradities in de wereld. Die zeggen dat we niet andermans goed mogen begeren, noch mogen stelen en moorden, en ervoor moeten zorgen dat iedereen de noodzakelijke middelen heeft voor een menswaardig bestaan. Onze regering streeft evenwel naar wereldmacht uit naam van de rijken die nog rijker willen worden, zelfs als daar honderdduizenden voor moeten worden gedood en miljoenen anderen sterven door honger of aan armoede gerelateerde ziekten. We kunnen nu ook zien dat een aantal politieke en militaire leiders zo sterk in deze verdorven waarden gelooft, dat ze er duizenden van hun eigen burgers voor doden en vasthouden aan de leugen dat terroristen de aanslagen pleegden. En daarmee kunnen ze de oorlog tegen het terrorisme voortzetten, in het kader waarvan ze het recht opeisen zo ongeveer alles te doen wat ze willen, zonder acht te slaan op morele principes en het internationale recht.
Hoe moeten godsdienstige mensen reageren?
Zo kom ik eindelijk op de vraag wat het antwoord van gelovigen op 9/11 en het Amerikaanse imperialisme zou moeten zijn. Gezien het korte bestek van deze lezing zal ik me beperken tot vier voorstellen.
Ten eerste dienen gelovigen de waarheid te achterhalen en bekend te maken. Ik stel dan ook voor dat zij, voorzover ze dat nog niet hebben gedaan, de juistheid van mijn beweringen over 9/11 en het Amerikaanse imperialisme onderzoeken. Als ze concluderen dat die juist zijn, dan moeten ze alles doen wat in hun macht ligt om anderen van de feiten bewust te maken.
Ten tweede zouden ze nieuwe middelen moeten zoeken om de waarheid te verspreiden. Het is zonneklaar dat de Amerikaanse massamedia medeplichtig zijn aan de cover-up van het Amerikaanse imperialisme in het algemeen en 9/11 in het bijzonder. Zo is bijvoorbeeld mijn tweede boek, dat een heleboel flagrante leugens in het rapport van de ‘commisie 9/11’ ontmaskert, in geen enkele mainstream publicatie besproken; hetzelfde geldt voor mijn eerdere boek, The New Pearl Harbor. Zeker, er zijn alternatieve publicaties, zowel gedrukt als op het internet, die de waarheid over het Amerikaanse imperialisme naar buiten willen brengen. In de meeste gevallen echter laten ze 9/11 buiten beschouwing. En daar ze over het algemeen onverschillig of zelfs vijandig staan tegenover godsdienst, zijn ze ook niet geschikt voor de communicatie met godsdienstige personen en groepen. Als de laatsten ruchtbaarheid willen geven aan de waarheid omtrent 11 september en het Amerikaanse machtsstreven, kunnen ze daarom misschien nog het best nieuwe communicatiemiddelen in het leven roepen. Daarin kunnen ze duidelijk maken dat de waarden achter het project voor wereldwijde macht in schril contrast staan met de religieuze waarden. Op basis daarvan zou er een oecumenische gemeenschap kunnen ontstaan die zich verzet tegen het streven naar wereldheerschappij, deels door de feiten rond 11 september boven tafel te krijgen.
Ten derde moeten gelovigen bedenken hoe het project voor de wereldheerschappij in de wielen kan worden gereden. Zo’n subversieve beweging zou allereerst met concrete plannen moeten komen. Te denken valt aan voorstellen voor de inzet van denkers uit de verschillende religieuze tradities. Ik hoop zelf binnenkort met een voorstel te komen waarin het idee van wereldwijde democratie centraal staat. 53) Anderen zullen daar niet veel in zien. Maar volgens mij is het zeer belangrijk dat juist religieuze denkers met zulke ideeën komen. Ik denk namelijk dat alleen voorstellen die uitdrukkelijk van de algemene godsdienstige geboden uitgaan, voldoende zeggingskracht hebben om grote aantallen mensen in de beweging te brengen.
Ten vierde zouden gelovigen allianties moeten sluiten met andere morele niet-gouvernementele organisaties (NGO’s). Zoals eerder gezegd is het belangrijk dat gelovigen van diverse pluimage die de morele geboden van hun godsdienst serieus nemen, zich aaneensluiten. Mijn motto is zelfs: ‘Gelovigen aller landen verenigt u! U heeft niets te verliezen dan uw onmacht.’ Maar ook samenwerking van religieuze groepen met wat je de andere morele NGO’s kunt noemen, is van vitaal belang. Of die zich nu bezig houden met mensenrechten, vrede, het milieu of aanverwante zaken, ook zij worden gedreven door een moraal die diametraal ingaat tegen die van de huidige Amerikaanse beleidsmakers. Door de gezamenlijke morele beginselen te onderstrepen, kunnen al dan niet expliciet religieuze NGO’s de handen ineen slaan tegen de volstrekt immorele machtspolitiek van Washington.
Tot slot wil ik de Amerikanen die wellicht huiverig zijn voor anti-imperialistisch verzet, nog zeggen dat zulke acties van een sterke vaderlandsliefde getuigen, omdat ze het land terug willen leiden naar de oude morele idealen, die met voeten worden getreden door de waarden die impliciet aanwezig zijn in het verlangen om de wereld te overheersen.
Noten
2. Andrew J. Bacevich, American Empire: The Realities and Consequences of U.S. Diplomacy (Cambridge: Harvard University Press, 2002), 30, 218-19.
3. Krauthammer's statement is quoted in Emily Eakin, “All Roads Lead To D.C.,” New York Times, Week In Review, March 31, 2002.


Reacties
Wie waren de crew en de passagiers van die vlucht 77 die het Pentagon binnen gevlogen zou zijn? Allemaal op papier geheime dienst medewerkers, die van identiteit veranderd wasren / zijn? Er moeten toch nabestaanden zijn van de mensen die op deze vlucht zaten? Wie waren de veronderstelde kapers op die vlucht?
Als het geen normale vlucht was, maar een militair toestel of een raket dat de West wing raakte, dan is er toch op zijn minst iets raars aan de hand met een verdwenen toestel en een verdwenen bemanning en passagiers?
(edit @ 18/8, redactie)